Vanmiddag was ik even op de algemene begraafplaats aan de Hofstraat in Winschoten. Deze begraafplaats stamt zo te zien uit de tweede helft van de negentiende eeuw en is vol, er worden tenminste geen nieuwe graven meer uitgegeven, slechts bijzettingen kunnen nog plaats vinden. Nieuwe grafmonumenten zullen er dus waarschijnlijk ook amper nog komen. De bestaande monumenten zijn deels nog in erg goede staat, deels zijn ze in verschillende stadia van onttakeling, deels zijn ze al verdwenen en ik zag ook dat er monumenten opgeknapt zijn en letterlijk weer boven de groene zoden gekomen zijn, met name het monument voor Winschotens eerste burgemeester Eisso Post is weer in beeld gebracht. Op deze begraafplaats ben ik iets tegengekomen dat voor mij nieuw was. Wat ik in eerste instantie zag was dit:
Daar schrok ik van. Puin tussen de graven op wat verder een mooie en goed onderhouden begraafplaats is, onbestaanbaar toch? Maar wat verder kijkend zag ik dat dit klaarblijkelijk bewust gedaan was:
Dit zijn netjes gestapelde duidelijk herkenbare restanten van grafmonumenten. En nog iets verder:
Best mooi, de restanten van de monumenten raken mooi begroeid en dat gaf mij eeen gerust gevoel, hier was duidelijk over nagedacht en iemand heeft de gedachte gehad dat de restanten toch op de begraafplaats thuishoren. Ik weet wel zeker dat er mensen zijn die het slordig, niet netjes vinden, dat het niet kan, niet mag, maar van mij mag het en kan het. En niet netjes, dáár kun je ernstig over van mening verschillen.
Even verderop zag ik nog iets waar waarschijnlijk dezelfde gedachte aan ten grondslag licht: een uit de tijd geraakte beuk waarvan de stam is blijven staan,zodanig ingekort dat hij geen gevaar oplevert, en daar omheen blokken van de stam van diezelfde beuk.
Deze wijze van omgaan met een begraafplaats spreekt mij dus wel aan. Wat ik mij nu wel afvraag: komt dergelijk begraafplaatsbeheer elders ook voor of is Winschoten hierin uniek?
Het blog van Aike van der Ploeg. Onregelmatig, wanneer ik vind dat ik iets te melden heb, zal hier iets verschijnen.
zaterdag 18 augustus 2012
zondag 12 augustus 2012
"Zij draagt het cachet van zielverkooperij"
Verleden week kreeg ik een boekje, afkomstig uit de verzameling die mijn vader had aangelegd over de geschiedenis van de militaire vakbeweging. Het grootste deel van de verzameling had ik al in huis, dit ontbrak nog.
Het boekje is een pamflet met de titel "Een en ander over de tegenwoordige werving bij de zeemacht en de treurige gevolgen daarvan", geschreven rond 1903 door Willem Hendrik Meijer.
Meijer heeft het pamflet geschreven in opdracht van de Nederlandsche Matrozenbond. Het pamflet beschrijft de schrijnende toestand bij de toenmalige Zeemacht, wat we tegenwoordig de Koninklijke Marine noemen. Destijds was het mogelijk en gebruikelijk als 14-jarige dienst te nemen bij de Zeemacht, waarbij een overeenkomst werd gesloten voor 12 jaren die pas inging op het moment dat de matroos 16 werd. Maar ondertussen kon hij wel al als 14-jarige in dienst, dus feitelijk ging het dan vaak om overeenkomsten voor 14 jaar.
Het pamflet geeft aan welke opdracht meerderen hadden gekregen tot het handhaven van de krijgstucht: "De karakters van de jeugdige schepelingen zoodanig te breken en door straffen klein te krijgen dat hun vrees voor nog grootere ellende hen zal doen afzien van verdere pogingen om uit den dienst ontslagen te worden".
De strenge krijgstucht en de beroerde werkomstandigheden waren dus voor schepelingen vaak aanleiding om te pogen ontslag uit de dienst te krijgen. Dat ontslag werd klaarblijkelijk alleen maar verleend op grond van slechte gezondheid of slecht gedrag. De slechte gezondheid werd soms van rijkswege in voorzien, door slechte voeding en beroerde huisvesting.
Het pamflet is uiteraard politiek gekleurd, maar waarschijnlijk was niet alle inhoud bezijden de waarheid. In ieder geval was het voor de politiek duidelijk dat de Matrozenbond een ongelooflijke pain in the ass was, de Bond werd daarom in 1904 vervallen verklaard van zijn rechtspersoonlijkheid en kreeg deze pas in 1919 weer terug.
Wie verder geïnteresseerd is in W.H. Meijer: het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, het IISG, heeft een biografie van hem opgenomen in het Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging , hier te vinden. Het archief van Meijer is aanwezig bij het IISG, de toegang is hier te vinden.
Het boekje is een pamflet met de titel "Een en ander over de tegenwoordige werving bij de zeemacht en de treurige gevolgen daarvan", geschreven rond 1903 door Willem Hendrik Meijer.
Meijer heeft het pamflet geschreven in opdracht van de Nederlandsche Matrozenbond. Het pamflet beschrijft de schrijnende toestand bij de toenmalige Zeemacht, wat we tegenwoordig de Koninklijke Marine noemen. Destijds was het mogelijk en gebruikelijk als 14-jarige dienst te nemen bij de Zeemacht, waarbij een overeenkomst werd gesloten voor 12 jaren die pas inging op het moment dat de matroos 16 werd. Maar ondertussen kon hij wel al als 14-jarige in dienst, dus feitelijk ging het dan vaak om overeenkomsten voor 14 jaar.
Het pamflet geeft aan welke opdracht meerderen hadden gekregen tot het handhaven van de krijgstucht: "De karakters van de jeugdige schepelingen zoodanig te breken en door straffen klein te krijgen dat hun vrees voor nog grootere ellende hen zal doen afzien van verdere pogingen om uit den dienst ontslagen te worden".
De strenge krijgstucht en de beroerde werkomstandigheden waren dus voor schepelingen vaak aanleiding om te pogen ontslag uit de dienst te krijgen. Dat ontslag werd klaarblijkelijk alleen maar verleend op grond van slechte gezondheid of slecht gedrag. De slechte gezondheid werd soms van rijkswege in voorzien, door slechte voeding en beroerde huisvesting.
Het pamflet is uiteraard politiek gekleurd, maar waarschijnlijk was niet alle inhoud bezijden de waarheid. In ieder geval was het voor de politiek duidelijk dat de Matrozenbond een ongelooflijke pain in the ass was, de Bond werd daarom in 1904 vervallen verklaard van zijn rechtspersoonlijkheid en kreeg deze pas in 1919 weer terug.
Wie verder geïnteresseerd is in W.H. Meijer: het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, het IISG, heeft een biografie van hem opgenomen in het Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging , hier te vinden. Het archief van Meijer is aanwezig bij het IISG, de toegang is hier te vinden.
zaterdag 11 augustus 2012
Aardwarmte, of de wraak van doctor Faustus
Het lijkt zo aantrekkelijk, je boort een gat in de grond, je komt heet water tegen, je haalt dat hete water naar de oppervlakte en doet er nuttige dingen mee, zoals het opwekken van energie. Gerard Krans, volgens Trouw voormalig topman van Shell, wil dat in Nederland op grote schaal gaan doen:
Krans heeft aan het ministerie van economische zaken een vergunning gevraagd voor oriënterende bodemstudies in Friesland en Noord-Brabant. De aanvraag wordt komende week gepubliceerd. De Amsterdamse ondernemer wil in een groot gebied onderzoek doen naar de haalbaarheid van diepe geothermie.
Nou is er natuurlijk al vaker zo her en der in de grond geboord en gegraven. We halen er wat uit, we stoppen er wat in, handig. Aan de bovenkant ziet het er niet altijd even fraai uit, onder de grond zien we niet dus dat is niet zo interessant, toch? Goed, hier en daar een klein beetje bodemdaling. Hebben we opgelost, tenminste als het om bodemdaling door aardgaswinning in Groningen gaat. De Commissie Bodemdaling door aardgaswinning in Groningen. Die commissie stelt wel vast welke maatregelen moeten worden getroffen om schade als gevolg van bodemdaling door gaswinning te voorkomen of te compenseren. Langzame bodemdaling, gelijkmatig en niet al te veel, valt allemaal te overzien, geen punt. Toch? Soms gaat er bij het boren wat mis, kan ook gebeuren. Boortoren kwijt, gat in de grond, maar na een paar dagen allemaal weer onder controle. Geen punt, toch? Frank Westerman kan zo'n geval enigszins navertellen, als kind van een jaar oud heeft hij meegemaakt dat er bij 't Haantje iets niet helemaal goed ging. Maar goed, dat ging om gas, is lang geleden, kan gebeuren.
We hebben het nu over water, heet water. We halen dat in Nederland wel op meer plaatsen uit de grond en we halen het uit de diepe ondergrond. Tenminste, Krans wil dat uit de diepe ondergrond halen, tot nu toe halen we het uit de niet-zo-diepe ondergrond, In Nieuweschans bijvoorbeeld komt het water voor het bronnenbad van een diepte van iets meer dan 600 meter en tot nu toe gaat dat goed.
Het kan ook fout gaan. Het stadje Staufen, in Baden-Württemberg, randje Schwarzwald, dacht men het stadhuis met aardwarmte te verwarmen. Gaatjes geboort, niet al te diep, zo'n 140 meter, en ja hoor, bingo, daar was water, onder hoge druk. Jammer alleen dat er ook nog een anhydrietlaag was en anhydriet en water gaan niet zo goed samen. Tenminste, ze doen wat samen, namelijk gips vormen en uitzetten. Wat er nu dus gebeurt is dat er in de bodem onder Staufen gips gevormd wordt dat lekker aan het uitzetten is geslagen, de bodem vangt dat voor een deel op, maar niet helemaal ...
Natuurlijk heb ik geen verstand van geologische zaken, daar heb je geologen voor, maar ik weet wel dat een actie altijd een reactie oproept en dat reacties niet altijd goed voorspelbaar zijn. Heet water uit de bodem halen, dat gebruiken voor verwarming en energieopwekking klinkt heel erg goed, zal misschien ook wel heel erg goed gaan. Krans gaat ook het gebruikte en afgekoelde water terugpompen, de hoeveelheid water in de bodem blijft dus enigszins gelijk. Hoe dat op elkaar reageert zal voorspelbaar en te overzien zijn. Eigenlijk hoop ik dat geothermie ook achteraf een heel goed idee blijkt te zijn.
En Staufen? Ach, wat daar gebeurt is natuurlijk gewoon de wraak van Doctor Faustus die daar met veel geraas uiteindelijk door de Duivel werd gehaald ...
![]() |
| http://www.faust-rockoper.de/images/urfaust_1.jpg |
Zie voor Faust "De Duivelskunstenaar", een prachtige boekje van Pieter Steinz ISBN 978-90-446-1388-9.
En ondertussen beeft de aarde in Groningen dagelijks, vrijwel altijd geïnduceerd, gevolg van gaswinning. Het KNMI legt het netjes uit en houdt voor ons de dagelijkse bevingen bij.
Labels:
aardbeving,
Faustus,
gaswinning,
Geothermie,
Groningen,
Haantje,
Krans,
Nieuweschans,
Staufen
zondag 22 juli 2012
M'n voornaam
Mijn voornaam komt niet heel erg veel voor. 248 keer als eerste naam van een man in 2010, 70 keer als eerste naam van een vrouw. Daarnaast nog 100 respectievelijk 10 keer als volgnaam.. Het Meertens-instituut laat in de voornamenbank mooi zien hoe het met de spreiding door Nederland is, de verhouding man/vrouw (Aike is zowel een mannen- als een vrouwennaam), de spreiding door de tijd over de periode 1880-2011 van zowel 'Aike' als eerste naam dan wel als volgnaam.
Het blijkt dus dat mijn naam door de jaren heen zo ongeveer even populair blijft. Met pieken en dalen,dat wel, maar die pieken en dalen lijken gekoppeld te zijn aan generaties. Zoals ik vernoemd ben naar mijn opa lijkt dat veel meer het geval. De herkomst is ook in 2010 nog duidelijk te zien: de naam komt zeker percentagegewijs het meest voor in de gemeenten Bellingwedde, Vlagtwedde en Onstwedde (tegenwoordig heet Onstwedde Stadskanaal).
Wat je dan ook nog ziet is een klein verspreidingspiekje in zuid-Limburg, wat zich laat verklaren door de trek naar de mijnen in de jaren '20. De dragers van de naam hebben hun roots in Westerwolde. Even kijken in Genlias (ik zou misschien wiewaswie moeten gebruiken, maar ja ...) laat zien dat tussen 1925 en 1928 Aike van der Ploeg (opa) en Aike Hilvers voorkomen. Mijn opa en zijn voorgeslacht komen uit Westerwolde en aangrenzend Drenthe, de naam Hilvers komt in 1947 voornamelijk voor in Drenthe volgens de Nederlandse Familienamenbank van het Meertens-instituut.
Ook Terschelling kent een Aike-piek. Voor zover ik weet geen familie, maar het is wel prettig om je naam pontificaal op haringkraam Aike van Aike te zien staan wanneer je met de boot aankomt.
Oh ja, de voornamenbank geeft ook nog een verklaring voor mijn naam: Vooral Friese naam. Het is mogelijk dat deze naam als verkorting van Adrianus ontstaan is, maar vooral in Friesland en Groningen is een afleiding van namen met de Germaanse stam agi- (zie eg- en vergelijk Age) of van namen met Adel- (zie adel- en vergelijk Ade) het meest waarschijnlijk. In de 17e eeuw werd de naam verlatijnst tot Aienius of Aikenius
En vandaag 10 juli 2015 komt Rienk in de jachthaven bij de Prinsentuin in Leeuwarden een boot tegen:
Het blijkt dus dat mijn naam door de jaren heen zo ongeveer even populair blijft. Met pieken en dalen,dat wel, maar die pieken en dalen lijken gekoppeld te zijn aan generaties. Zoals ik vernoemd ben naar mijn opa lijkt dat veel meer het geval. De herkomst is ook in 2010 nog duidelijk te zien: de naam komt zeker percentagegewijs het meest voor in de gemeenten Bellingwedde, Vlagtwedde en Onstwedde (tegenwoordig heet Onstwedde Stadskanaal).
![]() |
| http://www.meertens.knaw.nl/nvb/verspreiding/relatief/man/eerstenaam/Aike#data |
Wat je dan ook nog ziet is een klein verspreidingspiekje in zuid-Limburg, wat zich laat verklaren door de trek naar de mijnen in de jaren '20. De dragers van de naam hebben hun roots in Westerwolde. Even kijken in Genlias (ik zou misschien wiewaswie moeten gebruiken, maar ja ...) laat zien dat tussen 1925 en 1928 Aike van der Ploeg (opa) en Aike Hilvers voorkomen. Mijn opa en zijn voorgeslacht komen uit Westerwolde en aangrenzend Drenthe, de naam Hilvers komt in 1947 voornamelijk voor in Drenthe volgens de Nederlandse Familienamenbank van het Meertens-instituut.
Ook Terschelling kent een Aike-piek. Voor zover ik weet geen familie, maar het is wel prettig om je naam pontificaal op haringkraam Aike van Aike te zien staan wanneer je met de boot aankomt.
![]() |
| http://www.flickr.com/photos/dondersteen/2542851942/ |
Oh ja, de voornamenbank geeft ook nog een verklaring voor mijn naam: Vooral Friese naam. Het is mogelijk dat deze naam als verkorting van Adrianus ontstaan is, maar vooral in Friesland en Groningen is een afleiding van namen met de Germaanse stam agi- (zie eg- en vergelijk Age) of van namen met Adel- (zie adel- en vergelijk Ade) het meest waarschijnlijk. In de 17e eeuw werd de naam verlatijnst tot Aienius of Aikenius
En vandaag 10 juli 2015 komt Rienk in de jachthaven bij de Prinsentuin in Leeuwarden een boot tegen:
![]() |
| Foto: Rienk Jonker |
zaterdag 21 juli 2012
Slag bij Jipsinghuizen
Gisteravond kwam ik in het Dagblad van het Noorden, dat ik af en toe in de bibliotheek van Oude Pekela lees, een artikeltje tegen over de Slag bij Jipsinghuizen. Heiligerlee, ja, bekend (ook die van 1536), Jemmingen weet ik ook, Tachtigjarige Oorlog werd mij op school geleerd. Op 28 augustus Bommen Berend vieren, ja, weet ik ook (Gronings Ontzet). De Slag bij Jipsinghuizen wist ik echter niets van.
Jipsinghuizen ligt in Westerwolde, niet ver van Bourtange. Het is een klein dorpje, samen met het zo ongeveer er aan vast liggende Plaggenborg heeft het iets meer dan 150 inwoners. Dus, vandaag naar Jipsinghuizen (Jipsenhoez'n zeg ik zelf eigenlijk). Wat tref je daar dan aan. Tja, een gedenksteen, met opschrift.
Het opschrift luidt:
Dus, als ik het zo lees kwam Bernhard van Galen, toenmalig bisschop van Münster, binnenvallen met een legertje van zo'n 1800 man (hij zal er zelf wel niet bij geweest zijn vermoed ik). Dat legertje is in Jipsinghuizen neergestreken en daar is het door de Staatsen uit Bourtange aangevallen en teruggejaagd over de grens, met verlies van zo'n 300 man aan doden, gewonden en gevangen.
De Slag bij Jipsinghuizen was een klein onderdeel van de Eerste Münsterse Oorlog, de bisschop viel echt niet alleen bij Sellingen binnen. De Eerste Münsterse Oorlog eindige met de Vrede van Kleef in 1666. Een paar jaar later, in 1672, kwam de bisschop weer terug ...
En het stuk tekst op de steen, het citaat van Gajus van Jeltinga? Ik vermoed dat dat afkomstig is uit de Groninger Archieven, Verzameling afschriften en reproducties, inv.nr. 1069: Enighe particulaire aantekeningen van de capitain Gajus van Jeltinga, 1674, betreffende zijn verblijf in de vesting Bourtange, 1659-1666, 1672-1674. Een ooggetuige dus, althans nauw betrokken. Het origineel van de aantekeningen van Gajus ligt in Friesland, in Tresoar.
Jipsinghuizen ligt in Westerwolde, niet ver van Bourtange. Het is een klein dorpje, samen met het zo ongeveer er aan vast liggende Plaggenborg heeft het iets meer dan 150 inwoners. Dus, vandaag naar Jipsinghuizen (Jipsenhoez'n zeg ik zelf eigenlijk). Wat tref je daar dan aan. Tja, een gedenksteen, met opschrift.
Het opschrift luidt:
Slag bij Jipsinghuizen
26 september 1665
Keerpunt in de Eerste Munsterse Oorlog
1665-1666
Den 20 derselver maendt (september
1665) sijn de Biscooplijcke volckeren des
morgens uit westphalen over 't moeras
tussen Haren en 't Closter ter Apel gelegen,
op 't Clooster voorschreven ende des
nademiddaghs over 't moeras tusschen
Walchum und Sellengen in 't gesichte
der Boertangers gekomen en hebben haer eerst
in dorp Sellingen, maer korts daer aen
in 't gebuijrscap Jipsen Huijsen neder geset, en
maeckten daer op toe een pas over 't
moeras. Den 26 sijn de volckeren voorgemelt
omtrent achttienhondert men sterck van
de onse onder 't commande van de heer
Ham, Capetein van de Guardes van
Groeningen en Omlanden, sterck tusschen de
vijf en ses hondert man te voet en
tusschen de 70 en 80 te paerde tot Jipsenhuisen
geslagen, soodat sij den selven dagh
weder over haer moerighe pas nae Walchum de
vlucht hebben moeten nemen en
Westerwolde wederom verlaten, achterlatende so
dden, gevangen, als gequetsten na
gissigh omtren t300 man sijnde van ons kant
gevangen gebleven 17 man, weinigh of
geen dooden; onder haer ghevangenen sijn
geweest 2 Capeteins en een Luitenant
met enighe mindere officirs. Voorts nae 't
verlaten is de pas van de militie uit
Boertanghe, als mede 't Clooster ter Apel in
bewaeringhe genomen ende haer gemaeckte
Brughe in den brandt gestooken.
Naar kapitein Gajus van Jeltinga –
1674
Volgens overlevering werden de doden
hier ter plaatse bijgezet in een massagraf
welke in de volksmond sindsdien als
“Bisschopskerkhof” in de herinnering is
gebleven.
![]() |
| Christoph Bernhard van Galen aka Bommen Berend (met dank aan Wikipedia) |
En het stuk tekst op de steen, het citaat van Gajus van Jeltinga? Ik vermoed dat dat afkomstig is uit de Groninger Archieven, Verzameling afschriften en reproducties, inv.nr. 1069: Enighe particulaire aantekeningen van de capitain Gajus van Jeltinga, 1674, betreffende zijn verblijf in de vesting Bourtange, 1659-1666, 1672-1674. Een ooggetuige dus, althans nauw betrokken. Het origineel van de aantekeningen van Gajus ligt in Friesland, in Tresoar.
zaterdag 14 juli 2012
Plaatjes in de kerk
| Sint Nicolaas, Nicolaikerk Appingedam. |
| Petrus en Pauluskerk, Loppersum. Wat er geschilderd is moet ik nog uitzoeken |
| Ook de Petrus en Pauluskerk |
| Hippolytuskerk in Middelstum, Adam en Eva die het leven ontdekken |
| Noordbroek, Marcus staat er bij |
| 't Zandt, Mariakerk |
Concurrentie op het spoor
Ja, ik bén tevreden over Arriva. Ja, ik bén tevreden over NS. Onze minister van I&M heeft in al haar wijsheid besloten dat de NS ook nog concurrentie moet gaan krijgen op lijnen waar tot nu toe alleen door NS (en tig goederenvervoerders) wordt gereden. Dat is namelijk beter voor de reiziger.
Als argumenten lees ik in NRC van 13 juli 2012 heeft de minister dat er meer treinen zullen gaan rijden, vooral 's avonds en in het weekend. Dat zal, als je dat in de concessievoorwaarden eist. Maar stond dat dan niet in de concessievoorwaarden waaronder de NS nu rijdt en waar de NS nu betaald voor krijgt? Lijkt dan 'een beetje dom' van de aanbesteder. Overigens rijdt Arriva op dit moment 's avonds óók minder dan overdag. Waarschijnlijk precies volgens de concessievoorwaarden.
Ander argument: de andere vervoerders dan NS zijn ook busbedrijven, dus krijgen we betere aansluitingen. Ja, geef Arriva de concessie voor Zwolle-Groningen en het sluit uitstekend aan op een andere busvervoerder. Arriva heeft namelijk dan geen aansluitende buslijnen op de stations die worden aangedaan, het busbedrijf dat in Groningen en Drenthe rijdt is namelijk QBuzz (dochter NS toch?). QBuzz rijdt (nog?) niet met treintjes. Met over het algemeen prima aansluitingen overigens, op zowel NS als Arriva. Daar let het OV-Bureau Groningen-Drenthe, dat de bus-aanbesteding en de regionale lijnen waar Arriva in Groningen nu op rijdt, prima op. Geen probleem.
Dus, waar zit nu het voordeel voor mij als reiziger? Even verder lezen. Ah, gelukkig, dar staat het: "Wel zullen de kaartjes duurder worden." Gelukkig, ik dacht al dat ik er met deze aanbestedingen nérgens op vooruit zou gaan.
Dus, krijgen we nu wat meer versnippering, net zoals in de 19e eeuw? Veel kleine spoorwegbedrijfjes die niet echt op samenwerken zijn ingesteld? Maar wel met allemaal hun eigen overhead? Omdat aanbesteden moet, niet omdat er een bedrijf slecht presteert? Ben ik nou gek? Soort tandartstarief? De markt is áltijd beter? Ook al kost het meer en levert het niks meer op?
Heb ik nog een vraag aan de Minister: waarom worden er alleen lijnen buiten de Randstad aanbesteed?
Als argumenten lees ik in NRC van 13 juli 2012 heeft de minister dat er meer treinen zullen gaan rijden, vooral 's avonds en in het weekend. Dat zal, als je dat in de concessievoorwaarden eist. Maar stond dat dan niet in de concessievoorwaarden waaronder de NS nu rijdt en waar de NS nu betaald voor krijgt? Lijkt dan 'een beetje dom' van de aanbesteder. Overigens rijdt Arriva op dit moment 's avonds óók minder dan overdag. Waarschijnlijk precies volgens de concessievoorwaarden.
Ander argument: de andere vervoerders dan NS zijn ook busbedrijven, dus krijgen we betere aansluitingen. Ja, geef Arriva de concessie voor Zwolle-Groningen en het sluit uitstekend aan op een andere busvervoerder. Arriva heeft namelijk dan geen aansluitende buslijnen op de stations die worden aangedaan, het busbedrijf dat in Groningen en Drenthe rijdt is namelijk QBuzz (dochter NS toch?). QBuzz rijdt (nog?) niet met treintjes. Met over het algemeen prima aansluitingen overigens, op zowel NS als Arriva. Daar let het OV-Bureau Groningen-Drenthe, dat de bus-aanbesteding en de regionale lijnen waar Arriva in Groningen nu op rijdt, prima op. Geen probleem.
Dus, waar zit nu het voordeel voor mij als reiziger? Even verder lezen. Ah, gelukkig, dar staat het: "Wel zullen de kaartjes duurder worden." Gelukkig, ik dacht al dat ik er met deze aanbestedingen nérgens op vooruit zou gaan.
Dus, krijgen we nu wat meer versnippering, net zoals in de 19e eeuw? Veel kleine spoorwegbedrijfjes die niet echt op samenwerken zijn ingesteld? Maar wel met allemaal hun eigen overhead? Omdat aanbesteden moet, niet omdat er een bedrijf slecht presteert? Ben ik nou gek? Soort tandartstarief? De markt is áltijd beter? Ook al kost het meer en levert het niks meer op?
Heb ik nog een vraag aan de Minister: waarom worden er alleen lijnen buiten de Randstad aanbesteed?
zaterdag 7 juli 2012
Wandelen op het kerkhof
Tijdens mijn korte wandeling zag ik een grafsteen met een wel erg treurigmakende tekst er op. Het was de steen voor Gepke T. Tools, overleden op 7 augustus 1864 in Oude Pekela. Op de steen staat, behalve de gebruikelijke even oneerbiedig gezegd N.A.W.-gegevens: "Haar levensweg was een lijdensweg". Dat stemt niet tot vrolijkheid. Ik heb toen ook even op de steen van haar man, Hendrik H. Poppens, gekeken. De tekst op zijn steen was iets minder deprimerend, maar nog steeds niet echt vrolijk: "Arbeidzaam was zijn leven, Vol ootmoed en geduld. De taak hem opgedragen, Heeft hij hier trouw vervuld".
| Links Hendrik, rechts Gepke |
| Achter de kerk, van zuidwest naar noordoost |
Naast de persoonlijke teksten op stenen zijn er ook die een meer algemene boodschap dragen. Die vind je dan over het algemeen op de achterkant van de steen. Zo kwam ik bijvoorbeeld tegen: "Wie mij hier komt betreden, Gedenk toch ook aan mij, al lig ik hier beneden, ik ben geweest als gij". Tja.
Het kerkhof bevat relatief weinig 'monumentale' monumenten. Het grootste deel van de monumenten bestaat uit eenvoudige, rechtstaande stenen als die van Hendrik en Gepke, maar een enkel groter monument kwam ik wel tegen. Deze bijvoorbeeld, van zo te zien een scheepskapitein en zijn vrouw (en ik dacht thuis te kunnen lezen om wie het gaat, maar dat lukt dus niet):
| De linkersteen met Neptunus erop, de rechter een levensboom |
Deze beide stenen zijn enigszins verweerd, maar nog goed leesbaar. Even verderop liggen soortgelijke stenen, maar dan aanzienlijk beter leesbaar.
| Familiegraf Borgesius |
Deze stenen zijn uitstekend door de tijd gekomen dankzij de prachtige treurbeuk waaromheen zij liggen, de beuk die bij de ingang van het kerkhof staat. De boom heeft de stenen goed beschermd tegen weersinvloeden en zure regen. Deze boom zorgt echter wel voor een ander 'probleem':
De boom is zo groot geworden dat de graven overgroeid worden. Ik hoop overigens niet dat hierop door gemeente of vrijwilligers ingegrepen wordt: de boom ziet er prachtig uit en is ongetwijfeld destijds bewust op het graf gezet.
| Het kerkje aan de Wedderweg |
zondag 1 juli 2012
Houdbare krentenbollen
We kennen het allemaal wel: loop je rustig over straat je met jezelf te bemoeien, word je opeens aangesproken door iemand die je wat wil verkopen of ergens van wil overtuigen. Geloof, medelijden met mishandelde dieren, de slechtheid van de mens of iets voor eigen gewin. Deze keer, 20 juni voor Den Haag Centraal, 100% volkoren. Het Voorlichtingsbureau Brood en het Voedingscentrum willen mij overtuigen van nut en noodzaak van het eten van volkorenbrood, "want daar voelt je lijf je goed bij!". Het Voorlichtingsbureau Brood zal dat doen om de verkoop van brood te bevorderen: "Het Voorlichtingsbureau Brood verzorgt namens de Nederlandse bakkerijbranche de generieke communicatie over brood naar de consument" en is dus gewoon een reclamebureau. Het Voedingscentrum, nou ja, dat maakt reclame voor Becel pro activ ...
Nou eet ik al het grootste deel van mijn leven volkorenbrood, dus echt aan mij besteed was de verkooppraat niet. Al jaren overtuigd. De volkorenkrentenbol heb ik wel aangenomen, lunchtijd tenslotte. Krentenbollen zijn typisch reisvoedsel, al sinds de kleuterschool kreeg ik krentenbollen in een groen koffertje (waar zal dat gebleven zijn?) mee naar de dierentuin in Emmen, naar het Dolfinarium in Harderwijk, naar Drouwenerzand. Ook van die driehoekjes sinaasappelsap, wie kent ze niet, gingen in dat koffertje mee. Iemand zei mij dat krentenbollen bestemd zijn om met kaas belegd van Hoogeveen via Groningen naar Bergen te reizen om daar dan nog steeds goed te smaken. Dus, het 100% Volkoren-krentenbolletje werd met dank aanvaard en naar binnen gewerkt. Het smaakte prima. Één ding viel mij op toen ik het bolletje uit zijn cellofaantje haalde: de krentenbol was tenminste houdbaar tot 29.01.2013 en gekoeld of in het donker hoeft niet, staat tenminste niet op de verpakking. Nu vraag ik mij dus ernstig af wat er met die krentenbol gedaan is om hem zó lang houdbaar te houden ... (en ja, gammastraling ligt in ieder geval voor de hand)
Update 4 november 2012: de door mij in het cellofaantje bewaarde krentenbol, houdbaar tot 29.01.2013, is dus begin november 2012 al beschimmeld ...
![]() |
| De actiebus voor Den Haag Centraal |
Update 4 november 2012: de door mij in het cellofaantje bewaarde krentenbol, houdbaar tot 29.01.2013, is dus begin november 2012 al beschimmeld ...
vrijdag 22 juni 2012
H.A.P. Zware Rassen
![]() |
| De beker met als inscriptie 1936 en daaronder H.A.P. Zware Rassen |
Als klein kind logeerde ik regelmatig bij opa en oma, ze woonden toen in Klijndijk, een klein dorpje, toen eigenlijk een streekje, tussen Emmen en Odoorn. Ze woonden op de 'Zietak', heette het lokaal. De Zietak slaat op het kanaaltje, een wijkje eigenlijk, dat naar Klijndijk toe liep: de Odoornerzijtak, uitkomend op het Oranjekanaal. Opa en oma hadden in hokken achter het huis ook vaak konijnen (en soms ook wel eenden, ganzen of kalkoenen). Als kind vind je dat natuurlijk prachtig, zo'n eigen kinderboerderij. Het heeft eigenlijk nog vrij lang geduurd voordat ik bedacht had waarom opa en oma die beesten steeds hadden en waar ze uiteindelijk bleven ...
![]() | |
| Aike van der Ploeg en Griet Jonker, opa en oma, voor hun huis in Klijndijk, Melkweg 9 |
Abonneren op:
Reacties (Atom)


.jpg)












