zondag 29 december 2013

Heksen in de familie

Tussen Roswinkel in Drenthe en Ter Apel in Groningen ligt De Maten. Tot 1976 was De Maten een Drents dorpje, per 1 januari 1976 werd de grens gecorrigeerd en werd het Gronings.

Tussen 1900 en 1930
Mijn familie van vaders kant komt uit die regio: globaal het gebied tussen Emmen, Odoorn, Vlagtwedde en Ter Apel is het gebied waar de familie Van der Ploeg vandaan komt (en ook dus de familie Timmer, toen er achternamen moesten worden vastgelegd gingen pa en vijf zonen naar het gezag en lieten zich allemaal "Timmer" noemen, behalve één, Roelof, die zich liet registereren als "Van der Ploeg" ...).
Geert van der Ploeg (Bourtange 1813-1866 De Maten) was een zoon van deze Roelof en Grietje Maarsing. Geert trouwde in 1840 in Vlagtwedde met  Katrina Brouwer (Vlagtwedde 1809-1881 Roswinkelermarke), zij kregen volgens de burgerlijke stand samen vier kinderen: Roelof (De Maten 1841-1919 Ter Apelkanaal) , Kenna (Ter Apel 1843-1922 Lauderzwarteveen), Grietje (Ter Apel 1846-1897 Vlagtwedde) en Aaltje (Ter Apel 1849-1930 Lauderbeetse).
Nadat pa Geert was overleden ging het niet goed met Katrina en de kinderen in De Maten. Albert Katuin, schaapherder in Odoorn, wist het één en ander te vertellen. Zo zouden de 's avonds geschilde en gewassen aardappels de volgende ochtend weer vol met zand zitten, lag er 's  morgens bloed in de keuken en was een erwt die een buurvrouw bij het huis had neergegooid de volgende ochtend in een pad veranderd.
Om dergelijke occulte zaken in het vervolg te weren zou zoon Roelof gebruik hebben gemaakt van de diensten van een Oostfriese duivelbanner. Roelof zou van hem ter bescherming een botje hebben gekregen, hij moest dat op zijn borst dragen. Overigens lieten de gebeurtenissen zich natuurlijk eenvoudig verklaren, het bloed bijvoorbeeld was gewoon varkensbloed dat door buurjongens op het plaggendak was gegooid en door de plaggen naar binnen was gespijpeld.


De Maten nu. Plaggendaken tref je er niet meer aan.

Roelof had het niet gemakkelijk. Hij trouwde in 1871 met Annechien Schoonbeek, dochter van Geert Schoonbeek en Grietje Koopman. Roelof was er al snel achter dat zijn vrouw en zijn schoonmoeder heksen waren, dat zij in staat waren mensen en dieren te beheksen en dat allerlei voorwerpen ook door hen  behekst werden. Roelof zou dat overal rondverteld hebben. Duivelbanners werden weer geraadpleegd, afwerende middelen gedragen en hij verliet zijn vrouw en zoontje Geert dat in 1874 was geboren meerdere malen. De Provinciale Drentsche en Asser Courant stond er vol mee.
Uiteindelijk werd het Annechien allemaal teveel,  ze wilde scheiden: op 7 november 1881 sprak de rechtbank in Assen de scheiding uit tussen Annechien, woonachtig op de Weerdingermarke, en Roelof.
Een fraai lied werd er ook nog overgeleverd:

“Komt vrienden luisterd naar dit lied
Wat hier in plaggenburg is geschiet,
Roelof is een knappe zoon
Hij draagt het wapen van Oost Vriesland schoon!
Oost Vriesland wisten zij allen wel ras
wat hier op Roswinkelder marke te done was
Kenna Ploeg dat dikke wigt
De heksen drukken haar de borsten digt
Maar Aaltje die had geen bezorg
die kreeg een boer al van Terborg
Ja en dat mogt zij wel doen
Maar ‘t was voor hem een zwart verzoen”.

In de familie is er ook een overlevering van dit verhaal, maar natuurlijk vanuit 'ons' standpunt. Mijn opa wist nog te vertellen dat hij altijd had begrepen dat “die van Katoen (Katuin)” niet deugden", die hadden zouden namelijk allerlei verhalen de wereld in hebben geholpen.
En de familierelatie: Geert van der Ploeg was een kleinzoon van Roelof van der Ploeg en Grietje Maarsing. Mijn opa Aike was een achterkleinzoon van deze Roelof en Grietje, dat maakt hen achterneven.

Met dank aan Groninganus die door zijn blog over hekserij in Havelte mij hier weer aan herinnerde

1 opmerking: